Review: Chieftec The Cube
Links;Productpagina: Chieftec The Cube
Navigatie;
Chieftec is bijna een ‘klassieker’ te noemen op de computermarkt, maar is flink wat jaartjes op de achtergrond verdwenen. Sinds een paar jaar zijn ze terug van weggeweest, en zijn wij onder de indruk van de prijs-kwaliteit die zij laten zien in hun nieuwe producten.
Zo ligt nu ook “The Cube" van Chieftec op de testbank. Deze small form factor-kast maakt gelijk indruk door zijn “subwoofer-achtige" uiterlijk. Chieftec noemt het zelf ‘minimalistisch, HiFi en modern’, en het is de spirituele opvolger van de “Chieftec Pro Cube (CI-02B-OP)“. De nieuwe ‘Cube’ behoudt de form factor, maar moderniseert naar 2026 door afstand te nemen van externe drive bays en zich meer te focussen op een elegant ontwerp met veel capabelere koeling voor moderne (high-end) hardware. Ook heeft de I/O een facelift gekregen met USB-C en snellere type-A-poorten.
Wel houdt deze nieuwe Cube-kast van Chieftec toch ook een boel kernontwerpaspecten waar de Pro Cube zo geliefd om was: horizontale moederbordinstallatie, een laag maar breed ontwerp, de “swing open"-cover, en genoeg opslagmogelijkheden in een kleine form factor.
De Chieftec The Cube heeft een adviesprijs van €64,95, maar is op het moment van schrijven al voor zo’n €55,- verkrijgbaar.

| Chieftec The Cube | |
|---|---|
| Moederbord ondersteuning | m-ATX, ATX |
| Type behuizing | Small Form Factor (SFF) |
| Back-To-Front suppport? | Nee |
| Materiaal | 0,6mm SPCC Metaal |
| Voorgeïnstalleerde fans | 1x 200mm PWM Fan, HDB Bearing |
| Inbegrepen fan hub | Nee |
| Fan-ondersteuning | Voor: 1x 200mm Boven: 2x 120mm Achter: 1x 120mm |
| Radiatorondersteuning | Boven: 240mm |
| Interne bays | 2x 3,5", 2x 2,5" |
| Stoffilters | Boven*, onder, linkerzijde * Vaste mesh in bovenpaneel |
| Compatibiliteit Voeding | ATX, tot 160mm |
| Maximale lengte videokaart | 335mm |
| Maximale hoogte CPU-koeler | 160mm |
| I/O Paneel | 1x 3.5mm analoog, 1x Microfoon, 2x USB 3.2 (Gen1, 5Gb/s), 1x USB 3.2 (Gen2, 10Gb/s) type-C |
| Gewicht | 4,64kg |
| Inhoud | 36,22L |
| Afmetingen (HxBxD) | 355 x 265 x 385 mm |
| Garantie | 2 jaar |

Laten we beginnen met het uitpakken van The Cube. Deze komt verpakt in een stevige kartonnen omdoos met daarin voorgevormd piepschuim. Eenmaal uitgepakt zien we gelijk het strakke ontwerp van The Cube. Met zijn concave voorpaneel en stoffen mesh voor de grote 200mm PWM-ventilator doet de eerste indruk niet af aan zijn lage prijs; hij oogt namelijk behoorlijk premium.
The Cube is met zijn ± 36 liter niet de kleinste kast qua inhoud, maar valt zeker wel binnen de categorie “small form factor", en is qua inhoud vergelijkbaar met kasten zoals de Montech Air 100 Lite, de Fractal Design Pop Air Mini, of de NZXT H3 Flow. Door het horizontaal gemonteerde moederbord is de kast lager, maar ook breder. Kijk dus goed wat je prettig vindt.
Aan de linkerzijde vind je niet zoals bij veel moderne behuizingen gehard glas, maar ‘gewoon’ ouderwets staal. Het eerste voordeel is natuurlijk dat deze niet zomaar stuk kan vallen, maar omdat deze van staal is, heeft The Cube hier gaten met een magnetisch stoffilter erachter. Zo krijgt de videokaart zo veel mogelijk verse lucht met de beperkte ruimte die het tot zijn beschikking heeft.
De achterkant van The Cube is vrijwel identiek aan de oudere Pro Cube. Kort gezegd is dat prima in orde, maar één negatief puntje valt wel gelijk op. Om geld te besparen, maakt Chieftec hier gebruik van het afbreekbare type PCIe-covers; dit is iets wat je vaker bij goedkopere kasten ziet. Dit betekent dat je, in plaats van losschroeven, de PCIe-covers (voor bijvoorbeeld je videokaart of andere PCIe-expansion cards) afbreekt met een schroevendraaier. Deze kan je ook niet meer terugplaatsen, dus zorg dat je de juiste covers losbreekt.
Een klein goedmakertje heeft Chieftec wel: in het accessoirezakje krijg je één reservecover die je er terug in kan schroeven.
De bovenkant van The Cube oogt ook verrassend strak. Zoals eerder gezegd heeft het weglaten van de externe bays ruimte vrijgemaakt voor geavanceerdere koeling. Waar de oudere Pro Cube nog alleen een enkele kleine mesh aan de bovenzijde had voor één fan, heeft deze nieuwe kast een volledig verwijderbaar bovenpaneel. Hieronder is ruimte voor waterkoeling met een radiator tot 240 mm.
Tot slot nog even de onderkant van de kast. Uiteraard is hier niet heel veel spannends, maar het is toch fijn om te zien dat Chieftec hier de moeite heeft genomen om een degelijk stoffilter te plaatsen voor de voeding. Het is zelfs een ladensysteem, waar je in veel kasten alleen maar een los ‘plakje’ gaas ziet zitten.
Dat er verder geen gaten zitten voor ventilators is niet zo gek. Deze zou namelijk alleen maar tegen het onderstel van het horizontale moederbord blazen en verder niet veel uithalen.
Voordat we de kast opmaken, kunnen we nog even snel een blik werpen op de I/O; ofwel in Inputs & Outputs op de kast. Daar vinden we een gescheiden koptelefoon- en microfoonjack, en een tweetal USB 3.0 type-A-poorten. Niet supersnel dus, maar zouden in theorie alsnog gewoon 5 Gb/s moeten halen. Nieuw op The Cube is de toevoeging van een 10Gb/s (USB 3.2 gen 2) USB-C-poort, wat anno 2026 ook steeds onmisbaarder wordt; zeker als je meeneemt dat veel mensen heel lang met een kast kunnen doen.

Anno 2026 zie je, vooral bij duurdere kasten, allerlei “gereedschapsloze" (de)installatie-innovatie. Magneten, friction fit, klemmetjes, noem maar op. Bij The Cube mag je nog lekker ouderwets schroefjes losdraaien. De meeste zijn wel gewoon duimschroeven waar je waarschijnlijk geen schroevendraaier voor nodig hebt, maar in mijn geval zaten deze redelijk stevig vastgedraaid.
Het voor- en bovenpaneel waren wel érg lastig om los te krijgen. Waar het voorpaneel een klein extra zetje nodig had, kreeg ik bij het bovenpaneel bijna het idee dat ik het stuk moest trekken. Het extra indrukken van de klemmen aan de binnenkant hielp íets, maar ik heb nog nooit zo veel kracht moeten zetten om een paneel te verwijderen. The Cube heeft wel een handleiding, maar daar krijg je vooral een schematische weergave van assemblage.
Met het voorpaneel verwijderd zien we de grote 200mm-fan van The Cube, wat samen met het stoffen mesh toch wel de grootste aandachtstrekker is van deze kast. Met een HDB (Hydro Dynamic Bearing) lager zorgt deze enkele fan voor een stille operatie van de pc. Je krijgt er geen tweede fan bij voor bijvoorbeeld de achterzijde van de kast, dus out-of-the-box is de doorluchting van de kast op basis van positieve luchtdruk.
Met alle panelen verwijderd zie je ook goed de “boven-onder"-oriëntatie ten opzichte van de “voor-achter"-oriëntatie van normale kasten.

Specificaties testsysteem
- AMD Ryzen 7 7700X CPU
- Scythe Mugen 5 PCGH Edition Koeler
- PNY 2x16GB DDR5 @6400MT/s Werkgeheugen
- ASRock B650m PG Lightning Moederbord
- Samsung 970 Evo Plus 512GB SSD
- Inno3D RTX 5070 Ti videokaart
- Cougar GLE 1000W 80+ Gold voeding
Laten we eens een mooi systeem inbouwen in de Chieftec The Cube!
Zoals al vaker gezegd, werkt het erg prettig dat bijna alle panelen volledig verwijderbaar zijn. Met het scharnierende ontwerp kan je het voor- en bovenpaneel in zijn geheel voorover kantelen nadat je twee schroefjes verwijderd hebt.
De standoffs voor het moederbord zijn niet van tevoren geïnstalleerd. Deze moet je zelf goed uitlijnen, gelijk met de gaten op jouw micro-ATX- of mini-ITX-moederbord. In het zakje accessoires vind je een installatietool om deze standoffs strak aan te draaien (een soort ‘dopje’ met een kruiskop erin). Wel liep ik hier tegen wat jammers aan; wellicht een stukje QA wat ontbreekt. In één van de accessoirezakjes zaten de standoffs, schroefjes en de installatietool samen, maar dit waren de verkeerde schroefjes. Met heel veel kracht kán je deze vastschroeven, maar dan strip je wel de hele standoffs kapot. De juiste schroefjes zaten namelijk in het andere zakje: niet helemaal logisch, en ik kan me voorstellen dat dit voor beginnende bouwers een frustrerende tegenvaller kan zijn.
Het moederbord eenmaal aangesloten, kunnen we de behuizingkabels aansluiten van de I/O, zoals de frontpanelkabels, de audiojack, USB-3.0-header en USB-C-header. Dit gaat op zich wel, maar meerdere kabels zijn wat aan de korte kant om aan te sluiten, terwijl de kast helemaal open gescharnierd staat. Deze kabels laat ik dan maar even los tot het laatst.
Wel kunnen we nu de voeding installeren, en dat is even iets waar je van tevoren goed naar de maximale lengte moet kijken. Volgens de specificaties is die 160mm, en heb ik zelf een voeding van 150mm gebruikt. Ik weet niet of ik ooit krapper heb gewerkt; de kabels staan vrijwel strak tegen de 3,5″ drive cage aan, en het was flink aanpoten om de voeding op zijn plek te krijgen. Een extra centimeter had het denk ik volledig onmogelijk gemaakt. Mocht je wél een langere voeding hebben maar tóch The Cube per sé willen gebruiken, dan kan de 3,5″ drive cage nog losgemaakt worden.
Met het moederbord plus toebehoren allemaal aangesloten, kan ook de videokaart geïnstalleerd worden. Zoals eerder gezegd moet deze worden geprepareerd door de PCIe-covers af te breken met een schroevendraaier; in mijn geval de bovenste twee slots. Omdat je de videokaart verticaal monteert, heb je tevens geen last van ‘sagging’, ofwel ‘doorhangen’ of verbuigen van de videokaart onder zijn eigen gewicht. ook is het uitlijnen en vastschroeven gemakkelijker als je niet tegen de zwaartekracht in hoeft te werken.
Het wegwerken van de kabels is niet zo heel erg moeilijk als je eenmaal de voeding hebt weten te installeren. Er zitten twee kabelgoten aan de voorzijde van de moederbordtray waar je meerdere kabels doorheen kan trekken. Het is aan te raden deze ook echt te gebruiken, want er zit zo goed als geen ruimte tussen het moederbordtray en het zijpaneel als deze eenmaal dicht zit.

Nu alles in elkaar is gezet, kunnen we kijken hoe The Cube in de praktijk is om te gebruiken. Het eerste belangrijke is natuurlijk de grote 200mm-ventilator. Het zal van het specifieke moederbord, de BIOS-versie en instellingen afhangen wat het standaardgedrag is. Doordat dit de enige luchtinvoer is van de hele kast, heb ik de PWM-curve in de BIOS gekoppeld aan de CPU-temperatuur; in feite gedraagt hij zich dus als een processorventilator. Wel zijn de fancurves ingesteld op een stil niveau: dit betekent dat de temperaturen iets hoger oplopen, maar de ventilatoren ook stiller blijven. Immers, hoe groter het verschil in temperatuur (ΔT), hoe makkelijker iets te koelen is. Daarbij maakt het voor bijvoorbeeld de levensduur of prestaties niks uit of een CPU nou op 60°C of 70°C draait.
Tijdens het gamen, met een 100% GPU-load en een CPU-load van tussen de 30 en 60%, blijft de CPU-temperatuur hangen op 68°C, en de GPU op 63°C. Hierbij heeft de grote kastventilator een toerental van rond de 1100 RPM. Het voordeel van een grote fan is dat het langer duurt voordat je deze actief gaat horen, doordat het geproduceerde geluid over een groter oppervlak wordt verdeeld en het geluid dat hij wel produceert een lagere, minder storende brom is.
In een synthetisch scenario met zowel de CPU als GPU op 100% belasting gaat het toerental in een tijdsbestek van zo’n tien minuten omhoog naar ongeveer 1300 rpm, wat hoorbaar is. Ik zou hem hierbij nog lager kunnen limiteren, maar voor dagelijkse taken is dit scenario nagenoeg niet voorkomend.

De Chieftec The Cube bewijst dat je voor een klein prijsje, op dit moment zo’n €55,- een hartstikke strakke behuizing in huis kunt halen. Voor dat geld krijg je een kast die er door zijn ‘subwoofer-look’ en nette afwerking verrassend premium uitziet. Het unieke ontwerp is bovendien modern, met een snelle USB-C-poort en een horizontale indeling die videokaarten tegen doorbuigen beschermt. De grote 200mm-ventilator aan de voorkant is de absolute ster: hij verplaatst veel lucht terwijl hij fluisterstil blijft, wat in dit compacte formaat echt een pluspunt is.
Toch merk je aan de binnenkant wel dat er ergens op de kosten is bespaard. Het bouwproces verloopt niet altijd even soepel; de handleiding is erg beknopt en de schroefjes liggen ongesorteerd in de zakjes, wat voor wat zoekwerk zorgt. Ook moet je flink wat spierballen gebruiken om het bovenpaneel los te krijgen en is de ruimte voor de voeding (en de bijbehorende luchtinvoer) aan de krappe kant. Het innovatieve scharnierende ontwerp is een slimme vondst, al zitten de interne kabels soms net te strak om de kast ook echt helemaal open te kunnen klappen.
Kortom: ben je bereid om tijdens het inbouwen wat extra geduld te hebben? Dan is The Cube een unieke, moderne en vooral betaalbare SFF-behuizing die op elk bureau goed zal staan.




